Vragen? Meldingen? Bookingen?

vitrinrecords@gmail.com

+32.495.99.33.52

Pers? 

esther@eightdaysaweek.me

België/Belgium

HOU ME OP
DE HOOGTE!

Pics © Joelle Van Autrève

Een aantal jaar geleden- het zijn er veel, maar ik hield de tel niet bij- stond ik aan de deur van mijn ouders. In de ene hand: een zoon van vier, in de andere hand: zijn boekentasje. Ik was toen negentwintig. Enkele jaren eerder, toen ik nog verwachting was en er weinig toekomsten rooskleuriger uitzagen als die van mezelf , hadden mijn ouders een herenhuis gekocht en dit opgedeeld in twee ruime appartementen. Beneden woonden zij en boven mijn broer- een pianist. Ik vermoed dat ik de tranen in mijn ogen verbeet die dag; toen ik staande op de stoep vroeg of we misschien even konden blijven? Want dat ik een beetje in een situatie zat. Iets niet zo goeds. Mijn vader refereert er nog altijd naar als één van de meest hartverscheurende scènes uit zijn wisselvallige carrière als ouder. De weken erop verbleef ik in een klein werkkamertje beneden terwijl mijn zoontje in de logeerkamer naast mijn mama sliep. Overdag maakte ik in dat kamertje muziek voor een toneelstuk wat enkele weken later in première zou gaan en vanaf een uur of drie begon ik als een verbetene Immoweb af te schuimen en elke eigenaar van een appartementje wat in aanmerking kwam voor de snelle en efficiënte wederopbouw van een nieuw en kleurrijk leven, op te bellen. Helaas bleek al heel snel dat ik- als alleenstaande moeder- een verdacht sujet was op de huizenmarkt. Meestal had het betreffende appartement maar één slaapkamer; daar kon ik toch niet verblijven met een kind? Tevergeefs probeerde ik de huisbazen te sussen. Ik was -echt waar- heel tof. En grappig. En ook vriendelijk en beleefd. En mijn kind trouwens ook. (Ok, dat laatste was gelogen: mijn kind was op dat moment een onhandelbare peuterpuber, maar een mens moet iets….) En uiteraard zou ik de huur betalen, ik heb nog nooit iets niet betaald, ik ben als de dood voor schulden.

Op een avond, toen bleek dat ik niets zou vinden en het gebrek aan privacy me danig begon te verstikken, taande ik de trap op- naar het appartement van mijn lieve, door-en door emphatische broer. Of hij het misschien een idee zou vinden zijn appartement over te geven aan mij? De enige huisbazen die deze gederailleerde twintiger zouden nemen als huurder (what the fuck had ik eigenlijk misdaan behalve- blijkbaar onterecht- geloven in de liefde?), waren onze ouders. Een waarheid waar ik langs de ene kant een afschuwelijke nederlaag in zag, en langs de andere kant heel voorzichtig en zonder duidelijke aanleiding al een soort van schoonheid in ontwaarde. Niet veel later verhuisde mijn broer en werd ik- tegen wil en dank- officieel lid van een kangoeroe-gezin.

De jaren zijn geëvolueerd en ik ben gebleven. We leerden elkanders privacy respecteren en leefden verschillende levens. Soms zien we mekaar weken niet, hoewel we- technisch gezien- in hetzelfde huis wonen. Nu de quarantaine is aangebroken hebben we echter een paar kleine nieuwe gewoontes ontwikkeld. Elke dag, om zes uur nemen we onze corona- aperitief. Iedereen zit dan op het terras (op anderhalve meter van elkaar) en daar wordt dan druk het post-corona tijdperk besproken. Voor het eerst zijn mijn vader en ik het over één maatschappelijke kwestie eens: alles mag herdacht. En een beetje verbeelding kan daarbij absoluut geen kwaad. In ons hoofd bouwen we aan een nieuwe- van nul te scheppen- maatschappij. Bekrompenheid in tijden van corona is nergens voor nodig, vinden we. De realiteit mag later weer meedoen. Nu is vrijheid van geest aan de orde. Fuck de gevestigde denkbeelden. We proosten. Halleluja voor de verbeelding!

Na onze eindeloze discussies gaat iedereen weer in eigen huis eten. ‘s Avonds wordt er door een paar huisgenoten gemusiceerd. Mijn zoon- die ondertussen in dit huis de liefdevolle bijnaam ‘Onze kleine microbe’ kreeg-, maakt boven beats. Tijdens de quarantaine ontdekte de jongen per ongeluk dat zijn grootvader een zeer vernuftig muzikant is, dus wil hij diens gitaarstukken als sample gaan gebruiken. Ik juich en sta met verbazing te kijken hoe mijn kleintje momenteel in ijltempo zijn volledige stamboom muzikaal voorbij dendert. (Niet dat daar dan veel toekomst in te vinden valt, maar dat maakt me niks uit, ik motiveer hem: muziek is een mensenrecht.)

Ondertussen heb ik zelf de pianokamer herontdekt. En papa speelt in het kleine werkkamertje- wat hij na mijn verhuis naar boven, weer inpalmde- soms uren aan een stuk gitaar. En als ik dan zo naar hem kijk, klink ik nog één keer in eigen hoofd. Halleluja voor de verbeelding, motherfuckers! En wat goed dat een nederlaag zoveel jaren later kan ombuigen in één van de grootste godsgeschenken allertijden….Bij deze: een quarantaine gitaarconcert van papa. Prelude nummer 1/ Villa Lobos. Liefdevolle ( nog niet al te beschonken) groetjes uit het kangoeroe-gezin!


Een kleine week geleden staarde mijn moeder (die soms ten prooi valt aan allerhande bijgelovigheden) me aan en mijmerde zachtjes dat ik het misschien in een vorig leven net iets te bont had gemaakt. Deze redenering kwam er naar aanleiding van mijn verzuchting dat ik er helaas in geslaagd was in zowat elke door corona getroffen sector actief te zijn. Waarom was ik bijvoorbeeld geen producent van wc-papier? Onbegrijpelijk in tijden van corona. Dat in combinatie met mijn lullige liefdesleven was voor mijn moeder een overduidelijk bewijs van het feit dat er hier meer aan de hand moest zijn. Als het over pech gaat is het altijd handig een externe vijand te hebben. En in dit geval moesten we het niet ver zoeken: ik had me in een vorig leven allicht gedragen als één of andere asociale despoot en nu was het kwestie om dat gedrag in dit leven even op adequate en consistente wijze recht te zetten.


De ernst van de hele corona crisis was toen nog niet tot ons doorgedrongen en ik vroeg me vooral af hoe ik- en vele anderen met mij- deze hele situatie financieel te boven zouden komen. Een dag later kwam er een bericht van mijn vader. “Het is ernstig. Je gaat niet meer werken in dat café. Beschouw het als een oorlog. Iedereen moet hier samen door. Papa steunt je.”


Uiteraard is het als zelfstandige muzikant die er de lamlendige gewoonte op nahoudt elke eurocent die haar persoonlijke richting uitkomt te herinvesteren in de minst rendabele aller sectoren: muziek, een hele geruststelling dat haar ouders (in tegenstelling tot ondertekende) wel het één en ander hebben weten opbouwen in hun leven. Met het sluiten van het café waarin ik bijklus, was ik anders allicht binnen de kortste keren overgeleverd aan de goodwill van huisbazen die me al dan niet op straat zouden zetten. Iets waar ik- als je verder redeneert-ook begrip voor zou hebben. Die huisbazen hebben misschien zelf kinderen zoals ik. Of ze zijn- voor het afbetalen van een lening- afhankelijk van huurinkomsten. Feit is alleszins dat ik het zonder de hulp van mijn ouders in deze coronacrisis nog geen drie maanden zou uitzingen. Het faillissement stond me nog nooit zo nabij. Ik denk dat ik niet alleen ben als ik stel voor het eerst in mijn leven te schrikken van mijn eigen arrogantie versus hoe kwetsbaar ik in werkelijkheid blijk te zijn.


Hoe zal de mensheid zich na deze crisis hertekenen? Wordt het verschil tussen de haves en de have not’s op de spits gedreven? Of komt er solidariteit? En zullen we misschien eindelijk eens begrijpen dat wie geluk of ongeluk heeft dit niet uitsluitend aan zichzelf te danken heeft, maar aan een combinatie van vele factoren. Geluk is des levens. Ongeluk is dat ook. Medemenselijkheid is een keuze. Misschien al bij al niet zo een hele slechte keuze. Ik doe alleszins mee. Maar ja, als ik mijn moeder mag geloven heb ik dan ook nog het één ander goed te maken uit vorige levens.


Verschenen in De Standaard op 17/03/2020

Ik zou graag een oproep doen aan onze democratisch verkozen regerende klasse. U loopt allen hoog op met onze democratie- al vormen bepaalde van uw aller handelingen een bedreiging voor diezelfde democratie. U loopt hoog op met de ondernemers- al ken ik geen enkele ondernemer die zich in tijden van nood zou gedragen zoals u dat doet. En u vindt dat u het verdient riante lonen te krijgen omdat u als politieke klasse zogenaamd een immense verantwoordelijkheid draagt. Ik vraag u: welke verantwoordelijkheid? Waar is het risico dat u neemt om inderdaad beloond te worden zoals een ondernemer dat wordt, mits (en enkel mits) zijn bedrijf goed draait?


We leven in wankele tijden. De problemen die op ons afkomen zijn van een zeer uitdagend niveau. Er is de klimaatcrisis, er is migratie die- of je dat nu wil of niet- zal toenemen net omwille van diezelfde klimaatproblematiek, er is een hele generatie ‘working poor’ aan het ontstaan, mensen hebben amper nog vertrouwen in de democratie en hun politieke leiders en we leven in een tijd waar waarheid niet meer objectief maar subjectief is geworden.

Uiteraard is het in een vrije wereld iedereen gegund om te ‘vinden’ dat een klimaatcrisis- beschreven door duizenden wetenschappers wereldwijd- niet waar is, maar laat ons wel wezen: het heeft iets kinderachtigs. Toen mijn zoon twee was ‘vond’ hij in het midden van de winter ook vaak dat het niet koud was en dat hij gerust op zijn blote voeten naar buiten kon, maar de eenvoudige waarheid was dat het min 2 graden celsius was. Tussen ‘vinden’ en een objectieve waarheid, ben ik geneigd de objectieve waarheid te verkiezen. Omdat dat beter is voor iedereen.


Dus laat ons dan eens kijken naar wat objectieve waarheden. Waar is alles zo misgelopen? Waarom zijn mensen kwaad? Waarom zijn mensen bang? Ik som voor u, beste politici , een paar probleempjes op. Misschien is het interessant dit even tot u te laten doordringen.

Laat ons beginnen bij de huizenmarkt en de armoede waar mijn generatie mee geconfronteerd wordt. Is mijn generatie armer dan de generatie van onze ouders omdat we luier zijn? Omdat we minder hard werken? Omdat we geen visie of karakter hebben? Nee. Wij zijn arm omdat de huizenmarkt tien jaar geleden uit zijn voegen is gebarsten. Prijzen van woningen zijn op zéér korte tijd gemakkelijk verdrievoudigd. Dat mag allemaal erg leuk zijn voor diegenen die het geluk hebben gehad nog een herenhuis te kunnen kopen aan- laat ons zeggen 120K- en dat vandaag zullen kunnen verkopen (of beter nog verhuren) tegen het driedubbele van die prijs. Maar aan de andere kant van dit win-verhaal staan slachtoffers. Die slachtoffers zijn mijn generatie en de generaties na mij. Toen wij alleen gingen wonen was de huizenmarkt verzadigd en begonnen de prijzen de pan uit te swingen. Voor mijn generatie is de simpele realiteit dat de helft tot twee-derde van ons loon gaat naar wonen. In een gezonde en gebalanceerde maatschappij mag dit maximaal één derde zijn.


Waarom begin ik over de huizenmarkt? Omdat de gevolgen van dit kleine fenomeen gigantisch zijn en een impact hebben op onze voltallige maatschappij. Daarnaast wil ik u, beste politici, graag aantonen dat alle maatschappelijke problemen waartoe u zich zou moeten verhouden (in plaats van ons te bestoken met simplistische welles-nietes verhaaltjes) vaak zo een complexiteit in zich dragen, dat het ronduit beledigend is dat wij via Twitter moeten vernemen wat u over eender wat vindt.


Of wil u misschien bewust uw volk achterlijk houden door ze te bestoken met debiele oneliners? Ik heb namelijk van horen waaien dat angst en sensatie het in onze geliefde algoritmes beter doen dan duiding. U heeft waarschijnlijk wel het één en ander te winnen (stemmen: dus loon en geld voor uw partij) bij het volgen van de logica van diezelfde algoritmes. Laat ons hopen dat ik het bij het foute eind heb als ik u beschuldig van politiek gewin op de kap van onze toekomst. Laat ons hopen dat ook u gewoon maar een slachtoffer bent van uw tijd en van de systeemfouten die door de technologische vooruitgang (waarin meningen wild woekeren) in de democratie zijn geslopen.


Maar goed, ik had het over de huizenmarkt die- omdat ze op geen enkele manier (en vraag me niet hoe: u bent de politicus) gecorrigeerd wordt- bezig is een voltallige generatie de armoede in te duwen. Ik neem aan dat u uw economie begrijpt. Hoe meer mensen arm of kansarm zijn, hoe minder zij zullen kunnen deelnemen aan de economie wat tot gevolg heeft dat ondernemingen worden gefnuikt en er nog meer armoede ontstaat. Armoede, woede, angst en machteloosheid gaan hand in hand. Als u niet ingrijpt, beste politici, is de kans groot dat wij vele ondernemingen niet eens zullen zien geboren worden omdat onze talenten in eerste instantie niet voldoende kapitaal zullen kunnen opbouwen om eender wat uit de grond te stampen. Onze talenten zullen zijn overgeleverd aan een ‘survival of the fittest’ waar de nadruk met name zal liggen op survival. Lees: twee-derde van het loon afstaan aan uiterst bescheiden behuizing. Dat wij zullen moeten toekijken hoe onze kinderen verworden tot loonslaven van multinationals die amper belastingen betalen. En dat wij met lede ogen onze democratie zullen zien verworden tot een demagogie. Ikzelf vind dit alles een hoogst onprettig idee. En vele ondernemers met mij.


Want ja, beste politicus, naast muzikant ben ik ook ondernemer. Ik hoor u vaak praten over ons. Over hoe u de ondernemers dient en steunt omdat zij zogenaamd diegenen zijn die welvaart genereren. Om te beginnen voel ik me noch gediend noch gesteund door een politieke klasse die weigert te doen waarvoor ze betaald wordt: regeren. Vervolgens is welvaart - mijns inziens- iets wat wordt gecreëerd door de voltallige samenleving. Iedereen heeft zijn rol. De ondernemer neemt meer risico en maakt kans op het einde van zijn leven een groot vermogen te hebben. Ook maakt hij een grote kans op een algeheel falen. Niet iedereen kan leven met zoveel onzekerheid. Maar ook niet iedereen hoeft dat. Het is net de balans in karakters die maken dat eender welke onderneming bloeit of ten onder gaat. Een gezonde balans maakt of kraakt een samenleving. Iedereen dient gehonoreerd te worden in wie hij is en wat hij kan.


Het is niet aan u om eender welke klasse te steunen of aan te vallen. U bent in onze dienst. Niet enkel in die van uw achterban. U bent in dienst van de voltallige bevolking. Het is uw taak het verkeer te regelen. En ok, daar heeft u kennelijk niet zo heel veel zin in. Maar dan mag ik toch aannemen dat ik- als lid van de raad van bestuur die uw meerdere is- mag besluiten uw loon te herzien en uw bonussen in te trekken? U heeft namelijk geen goed werk geleverd. U bent de CEO. Wat mij betreft lag u er nu al uit. Maar ik merk dat de rest van de raad van bestuur (de bevolking) u nog aanhoudt. Dat wil ik nog aanvaarden. Neem me dan alleen alsjeblieft niet kwalijk dat ik- zoals het een geëngageerd en verantwoordelijk lid van een raad van bestuur hoort te doen- vurig zal pleiten voor een totale herziening van alle financiële en praktische voordelen die u dankzij uw job als CEO geniet.


Of zag u zichzelf misschien eerder als de ondernemer zelf? De founder? Diegene die het risico neemt een bedrijf te beginnen? Zal ik u eens vertellen wat eender welke-zichzelf respecterende- founder doet als zijn bedrijf in zwaar weer verkeert? Op wie denkt u, beste politicus, dat de founders als eerste besparen? Juist ja: op zichzelf. Elke beginnende ondernemer werkt jaren als een krankzinnige tegen een ridicuul laag (of geen) loon om toch maar op een punt te komen waarop zijn bedrijf financieel gezond is. Wat houdt u tegen om hetzelfde te doen? En als u dat niet wil doen, zwijg me dan alsjeblieft over uw zogenaamde verantwoordelijkheid of over de zogenaamde risico’s die u als politicus moet nemen. Het is ronduit lachwekkend. U bent een luie, arrogante, wereldvreemde werknemer die we per ongeluk iets te veel macht hebben gegeven en die van zuiver jolijt nog baldadiger naast zijn schoentjes is beginnen walsen.


Ik ken geen enkele onderneming waar de CEO- aangesteld door de raad van bestuur- zelf beslist wat zijn loon is, wanneer hij op pensioen gaat of hoeveel bonussen hij exact krijgt. In elke onderneming worden er veiligheidsmechanismen ingebouwd waarbij de raad van bestuur kan ingrijpen in het geval dat zijn goedbetaalde CEO plots een onverantwoordelijke cowboy blijkt die meer praatjes scheen te hebben dan daden te vertonen. Waar zijn deze veiligheidsmechanismen? Ik begrijp dat het tegen uw eigen belang is, dit soort van wetten of veranderingen in ons bestel voor te leggen, maar uw belang maakt me om eerlijk te zijn niet zoveel uit. Meer zelfs: ik ga ervan uit dat uw belang- en dit is een impliciete consequentie van uw beroep- geheel onderhevig is aan dat van mij of aan dat van de rest van de bevolking. Staat u dat niet aan, voel u dan gerust vrij een andere job te zoeken. Of doe eens iets geks: begin een bedrijf. Jobs gegarandeerd. Veel succes ermee!


En tot slot: misschien moet u eens nadenken over de fundamenten van onze democratie. We leven in de 21E eeuw. Is onze democratie genoeg mee ontwikkeld om de uitdagingen van deze tijd de baas te kunnen? Zijn partijen nog relevant? Hoe dienen onze democratische leiders te communiceren? Hoe mogen zij zich verhouden tot sociale media? Er zijn genoeg mensen aanwezig die ideeën hebben die de grondvesten zouden kunnen hervormen naar een meer actuele democratie. Lees bijvoorbeeld eens David Van Reybrouck, lees Rutger Bregman, lees Joris Luyendijk, lees Stiglitz, luister naar Chomsky. En stop met me lastig te vallen met uw inhoudsloze propaganda. U doet dit met ons geld. Investeer dat geld in sectoren die het nodig hebben. Investeer het in studie. Of investeer het voor mijn part in een grondige interne reorganisatie. Op efficiëntie bent u met zijn allen alvast grondig gebuisd. Laat het ons het- voor het gemak- steken op een systeemfout: de democratie die niet is mee geëvolueerd met zijn tijd. Hoog tijd om die fout aan te pakken.


Alvast hartelijk bedankt,


Ellen Schoenaerts, uw diep ontgoochelde en geïrriteerde werkgever.



Verschenen op VRT NWS op 12 december 2019



  • White Apple Music Icon
  • White Spotify Icon
  • White Instagram Icon
  • White Facebook Icon
  • White YouTube Icon